Mitchell 9 ronden
Voor negen ronden hebben we schema’s voor 18 tot en met 28 paren. In alle schema’s wisselen de paren in ronde 9 van windrichting om een uitslag in één lijn mogelijk te maken. Voor alle schema’s geldt dat NZ (de oneven paarnummers) blijven zitten, OW (de even paarnummers) gaan iedere ronde een tafel omhoog en van het hoogste tafelnummer naar tafel 1.
Het wisselen van de spellen is iets ingewikkelder.
Bij 18 paren gaan de spellen iedere ronde een tafel omlaag en van tafel 1 naar tafel 9.
Voor 20, 24 en 28 paren geldt dat de tafels in twee groepen worden opgedeeld. De spellen worden in de onderste helft in de normale volgorde neergelegd en wisselen steeds een tafel omlaag maar van 1 gaan ze niet naar het hoogste tafelnummer, maar naar de tafel met tafelnummer gelijk aan hoogste tafelnummer gedeeld door twee. In de bovenste helft worden de spellen juist van hoog naar laag gespeeld en worden de spellen ook weer steeds een tafel naar beneden doorgegeven maar ze blijven wel binnen de eigen groep van tafels. Voor een voorbeeld zie de uitleg bij Mitchell 5 ronden.
Voor 22 en 26 paren worden op de tafels 1 t/m 9 de spellen normaal neergelegd en wisselen de spellen iedere ronde een tafel omlaag en van tafel 1 naar tafel 9. De overige tafels worden weer in twee groepen opgedeeld zoals ook bij 20 paren en de spellen wisselen daar weer op vergelijkbare manier. Er zijn op die manier dus drie groepen tafels die ieder hun eigen setje spellen aan elkaar doorgeven. Omdat NZ verantwoordelijk is voor het doorgeven van de spellen, kun je vooraf per tafel laten weten waar de spellen de volgende ronde naar toe moeten. Vaak zullen spellen eenn of meer ronden niet gespeeld worden en dus is er wel behoefte aan een tafeltje of stoel waar de spellen neergelegd kunnen worden, liefst zo dicht mogelijk bij de tafel waar ze daarna als eerste weer gespeeld gaan worden.